‘Robot hoeft niet naar de tandarts. Niet naar bed. En heeft geen sociale verplichtingen’

Vermuë Akkerbouw BV in Werkendam (N-.Br.) heeft dit jaar -vanuit het programma NPPL-R– een AgBot T2 tractierobot op zijn bedrijf. Marijn Vermuë gaat zien hoe hij de robot in zijn bedrijfsvoering kan inpassen. Hij is benieuwd naar wat de robot hem brengt en wat die hem kost.

Marijn Vermuë wil vooruit met zijn akkerbouwbedrijf. In die zin dat hij op zijn 160 hectare zo efficiënt mogelijk wil boeren. Op de eerste plaats staat bij hem opbrengst maximalisatie. Tegelijk zoekt hij via onder meer precisietechnieken naar verlaging van kosten en minimalisering van de milieulast. ‘Het liefst’, vertelt hij, ‘doen we allebei tegelijk.’ Vermuë kwam in 2015 bij zijn vader op het bedrijf. In 2020 begon hij met taakkaarten om op basis van de zwaarte van de grond de pootafstand van zijn aardappelen te variëren. In de uien wordt de dosering van bodemherbiciden gevarieerd op basis van de zwaarte van de grond. Ook weer op basis van bodemscans en taakkaarten. ‘De zwaarte van de grond verloopt bij onze percelen niet geleidelijk van voor naar achter. Het zijn in dit opzicht bonte percelen. Ik kan niet op het gevoel de dosering aanpassen.’

Bodempotentiekaarten uit Precisieteelt Plus

De basis van de taakkaarten zijn de bodempotentiekaarten die toeleverancier Van Iperen levert in het project Precisieteelt Plus. Op basis van een kiemproef geeft Van Iperen ook een plantadvies. ‘Waar de grond lichter is, poot ik ruimer, waar die zwaarder is nauwer. Ik varieer tussen 20 en 30 centimeter pootafstand. Op basis van de theorie weet ik dat deze aanpak moet werken. Je krijgt meer opbrengst dan bij een vaste pootafstand. Ik heb proefstroken nodig om het exact te weten.’ Voor wat betreft uien zorgt de variabele dosering van bodemherbiciden voor zowel minder chemiegebruik én minder schade aan de uien, dus voor een hogere en meer uniformere opbrengst. Aardappelen krijgen vloeibare kunstmest bij het poten in de rij, wat ten opzichte van volvelds eveneens een efficiëntieslag is. Vermuë houdt nauwgezet de ontwikkelingen in de gaten als het gaat om akkerbouwinnovatie. Maar op het vlak van precisielandbouw is hij ook weer niet een voorloper. Hij volgt de NPPL-website en pikt eruit wat hem past en waarvoor geen extreem grote investeringen nodig zijn. Pulserende spuitdoppen op zijn spuitmachine om te kunnen spotsprayen en ook nauwkeuriger te kunnen variëren, gaat hem uit kostenoverwegingen nog even te ver. ‘Dat wordt ineens zoveel duurder. Zou voor mijn spuit €30.000 extra zijn.’

Profiel

Marijn Vermuë (31) heeft met zijn vader Adri (64) een akkerbouwbedrijf met een vestiging in Werkendam en eentje 50 kilometer verderop in Dreumel (70 ha). Het bedrijf beproeft dit jaar de Agbot T2-robot. NPPL volgt het project met artikelen en video’s. Het betreft werkt op 160 hectare. Bouwplan Werkendam: 90 ha met fritesaardappelen, rode uien, suikerbieten, wintertarwe, stamslabonen. In Dreumel: 50 ha met pootaardappelen, bieten, tarwe, snijmais.

Grote innovatiestap met robottrekker

Nu zet Marijn Vermuë ineens wel weer een grote stap. Dat wil zeggen, onder de vlag van de Nationale Proeftuin Precisielandbouw (NPPL), gaat hij het hele seizoen met een veldrobot aan de gang. Te beginnen met het klepelen van groenbemesters en land klaarleggen en eindigend met de grondbewerking na de oogst. Vermuë wil met de robot ook groenbemester gaan inzaaien. Het gaat om de tractierobot of multi-inzetbare robot AgBot T2 van fabrikant AgXeed. De project is onderdeel van het project NPPL-R dat in 2025 wordt uitgerold. Verschillende veldrobots worden uitgezet bij akkerbouwers verspreid over Nederland. De Agbot is een elektrisch aangedreven rupstrekker. Een Deutz dieselmotor drijft de generator aan. Rupsonderstel met brede rupsen. Bestaande werktuigen van Vermuë kunnen via de driepunts-hefinrichting worden gekoppeld. Gewicht zes ton en vermogen 156 pk. Vermuë noemt het voor net name voorjaarswerk een voordeel dat de Agbot aan de lichte kant is en op 76 centimeter brede rupsen staat. Er is daardoor minder risico van bodemverdichting.

Marijn Vermuë: ‘Kijken wat businesscase is.’

400 ha voor de Agbot

Naar schatting ligt op de locaties Werkendam en Dreumel van Vermuë Akkerbouw komend seizoen zo’n kleine 400 hectare werk te wachten. Vermuë overweegt de AgBot ook voor loonwerk in te zetten. Alles vooral het eenvoudiger werk: land voorfrezen, woelen, cultivatoren, zaaibed klaarleggen…. Grote vraag is hoe de obstakelbeveiliging gaat reageren op rondvliegende grond en wortelonkruiden als Kvik-up aan de robot hangt. Veertanden van deze wortelonkruidbestrijder draaien door grond en werpen grond en worteldelen omhoog. Gaan de sensoren de door de lucht vliegende kluiten en onkruiden als obstakels zien of niet? En wat is daar aan af te regelen zonder dat de veiligheid in het geding komt? Vermuë: ‘Wat in elk geval niet kan, is met een klep het spul laag houden. De truc van die Kvik-up is juist dat de zware gronddelen sneller terugvallen dan de worteldelen, waardoor deze oppervlakkig neerkomen en kunnen uitdrogen.’

NPPL-R

De Nationale Proeftuin Precisielandbouw (NPPL) besteedt dit jaar extra aandacht aan veldrobots. In het project NPPL-R 2025 worden de mogelijkheden en onmogelijkheden van autonoom werkende trekkers, zaai- en onkruidrobots op Nederlandse praktijkbedrijven getoetst.

Wat levert de robot en wat kost-ie

Zo zullen er meer kwesties aan de orde die moeten worden opgelost. Waar het Vermuë om gaat is dat hij de komende periode uit kan vinden wat zo’n AgBot voor zijn bedrijf kan betekenen. ‘Ik kan nog aan mensen komen, maar vroeger of later wordt dat lastiger. Bovendien kan zo’n robot dag en nacht doorwerken. Hij hoeft niet naar de tandarts en heeft geen sociale verplichtingen.’ Duidelijk moet volgend jaar worden hoeveel werk het vraagt de machine te managen en daarmee hoeveel manuren hij Vermuë netto uit handen neemt. Vermuë wil de proefperiode op zijn bedrijf met de tractierobot zeker ook benutten om zicht te krijgen op de businesscase ervan. De aanschafprijs van de machine ligt rond €325.000

Expert WUR

Hoe makkelijk is het nou echt om een multi-inzetbare robot in je bedrijf op te nemen? Expert Koen van Boheemen van de WUR geeft antwoord. ‘Het aantal robots actief op de Nederlandse percelen neemt langzaam maar zeker toe. Dit zijn echter vooral gespecialiseerde robots, gebouwd en afgesteld om één of een paar taken goed uit te kunnen voeren. De doorbraak van multi-inzetbare robots blijft tot nu toe uit, terwijl aanbod uit de markt niet het probleem is. De grote vraag is waarom? Kunnen de multi-inzetbare robots het nog net niet goed genoeg? Zijn ze te duur? Zijn ze te moeilijk in en af te stellen? Moet je te veel wijzigen aan je mechanisatie, teeltsysteem en/of bedrijfsvoering? Of zit het hem vooral tussen de oren? Door een jaar lang een AgBot 5.115T2 in te zetten bij Vermuë Landbouw willen we kristalhelder in beeld brengen wat er nodig is om de robot te laten werken, wat er wel en nog niet kan, wat je eventueel moet veranderen aan bijvoorbeeld machines, teeltsysteem en planning en natuurlijk hoe het financiële plaatje er uit ziet. Ik denk dat er enorm veel kansen liggen voor autonomie en robots in de praktijk. Echter vraagt het maken van een stap altijd om aanpassingen in het proces én moet het financiële plaatje kloppen. Door deze zaken in beeld te brengen, willen we inzichtelijk maken wat er op je af komt als je met een multi-inzetbare robot gaat werken zodat je beter kan bepalen of dit iets is dat bij jou en je bedrijf past.’

De AgBot T2 staat bij fabrikant AgXeed in Grubbenvost (L.) klaar voor transport naar Werkendam. In de hef hangt nog een klepelaar van een demonstratie een dag eerder. Marijn Vermuë is benieuwd naar wat de robot hem brengt en wat hij per draaiuur kost. ‘Om te beginnen zonder subsidie of fiscaal voordeel.’
In Werkendam is groenbemester klepelen ook de eerste taak voor de robot.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Door op “Plaats reactie” te klikken ga ik akkoord met
de gebruikersvoorwaarden en de Privacy Policy.